Ziekenhuisgeschiedenis Hilversum

De ziekenzorg in Hilversum verplaatste zich pas eind 19e eeuw naar speciaal daarvoor opgerichte gebouwen. Eerder werden zieken thuis verpleegd of uitbesteed bij 'armenverplegers'. Een onwenselijke toestand, zeker omdat dit de verspreiding van besmettelijke ziekten bevorderde.

 

De Ziekenbarakken

Begin 20e eeuw krijgt de gemeente steeds meer taken op het gebied van Gezondheidszorg. De woon- en werkomstandigheden van de inwoners van Hilversum waren zodanig dat besmettelijke ziekten en infecties zich gemakkelijk kon verspreiden. In 1902 vormde zich, in navolging van de provinciale gezondheidscommissie, een gemeentelijke gezondheidscommissie die adviseerde over de kwaliteit van levensmiddelen, de ziekenzorg van armen én de bestrijding van besmettelijke ziekten. In 1910 werd een ziekenhuis gebouwd aan de Neuweg. Het ‘gemeentelijk ziekenhuis voor lijders aan besmettelijke ziekten’. Dit ziekenhuis bestond uit een kantoor en een aantal ziekenbarakken. Er konden ontsmettende baden genomen worden en mensen met de Spaanse griep, tyfus en roodvonk konden er worden verpleegd. In het gemeentelijke ziekenhuis, ook wel aangeduid als ‘de Ziekenbarakken’, werden alleen armlastige patiënten opgenomen. Inwoners die geen armenzorg nodig hadden konden terecht bij één van de andere ziekenhuizen die Hilversum gevestigd waren. De Ziekenbarakken raakten hun functie kwijt in de jaren vijftig, toen er niet meer zoveel besmettelijke ziekten voorkwamen. De barakken kregen een herbestemming: in 1961 werd het gemeentelijk verpleeghuis ‘De Orchidee’ in de gebouwen gevestigd.

klik voor vergroting
De ontsmettingsinrichting bij de ziekenbarakken.

 

Sanatorium Zonnestraal

Het sanatorium Zonnestraal is opgericht als herstellingsoord voor patiënten met tuberculose. De Algemene Nederlandse Diamantwerkers Bond stelde geld beschikbaar voor de opvang en verpleging van zieke diamantbewerkers. In 1919 kon het fonds worden aangewend en werd het ontwerp van architect Jan Duiker gerealiseerd. Het sanatorium was voor alle religieuzen, maar vooral voor arbeiders. Bovendien konden naast tuberculose patiënten ook mensen met psychische problemen terecht bij het sanatorium. Zonnestraal ontpopte zich vanaf de jaren 50, mede door financiële steun van de Amsterdamse gemeenteraad, meer als een algemeen ziekenhuis met als specialisatie geriatrie, cardiologie en orthopedie. Het Zonnestraalcomplex bood in deze jaren veelal plaats voor chronisch zieke bejaarden uit Amsterdam.

klik voor vergroting
IIn 1953 werden nieuwe houten paviljoens op Zonnestraal gebouwd.

 

Rooms Katholieke Ziekenverpleging

Het ‘gemeentelijk ziekenhuis’ en Zonnestraal waren zeker niet de enige ziekenhuizen waar de inwoners van Hilversum terecht konden. Vanaf 1891 was er in Hilversum al een katholiek ziekenhuis, de Rooms Katholieke Ziekenverpleging. Dit ziekenhuis werd gerealiseerd door vier prominente Hilversummers, drie tapijtfabrikanten en een notaris, die gezamenlijk een stichting oprichtten voor katholieke ziekenverpleging. Er vestigden zich nonnen uit Maastricht in een pand aan de Langestraat, waar ruimte was voor negen bedden. Al snel bleek dit pand te klein en werd er aan de Koningstraat een ziekenhuis gebouwd met plaats voor maar liefst tweeëndertig bedden. Dit ziekenhuis werd in 1893 geopend.

Hilversum heeft altijd een grote gemeenschap katholieken gehad, waardoor er geregeld sprake was van uitbreiding van het ziekenhuis. Zo werden er in de jaren die volgden een operatiezaal gebouwd, een warmwaterleiding aangelegd en een röntgenapparaat aangeschaft. Er kwam een vrouwen- en kinderafdeling en ook kreeg het ziekenhuis in 1915 een eigen kapel. Het werd vanaf 1937 zelfs mogelijk om een opleiding te volgen in de Rooms Katholieke Ziekenverpleging. Na het behalen van een diploma moesten de leerlingen het ziekenhuis wel weer verlaten want, zo meende het bestuur van het ziekenhuis, de verpleging moest wel in handen van de religieuzen blijven.

klik voor vergroting
Voorgevel van het Rooms-Katholiek Ziekenhuis, Koningsstraat 21, in 1925.

 

Het Diaconessenhuis

De protestanten konden natuurlijk niet achter blijven en de roep om een protestants ziekenhuis werd dan ook steeds luider. Zij waren in 1897 al begonnen met wijkverpleging maar het duurde tot 1918 voordat men echt kan spreken van een ziekenhuis. Een damescomité nam initiatief en zamelde geld in. Van het bedrag kon een ruime villa worden gebouwd aan de Neuweg en het Diaconessenhuis, met plaats voor vijftien patiënten. Het eerste protestantse ziekenhuis was een feit. Uitbreiding en hiermee schaalvergroting van het ziekenhuis gebeurde in 1929, waarna het vernieuwde Diaconessenhuis ruimte bood aan minstens vijftig bedden met mogelijkheid tot het plaatsen van honderd bedden.

Voordat een zuster zichzelf diacones mocht noemen moest zij eerst geschikt worden geacht, waarna een proeftijd werd ingesteld. Deze kon soms wel tien jaar duren! Als de zuster officieel diacones wilde worden, kon er een inzegening plaatsvinden. Na de inzegening was men verplicht het diaconessenkleed te dragen. Vanaf 1929 golden de strenge kledingvoorschriften ook buitenshuis: de dames moesten een muts, schort en korte schoudermantel dragen. Het was voor de meeste zusters een echte roeping om diacones te worden. De zusters waren 24 uur per dag in dienst en hadden nagenoeg geen vrije tijd. Daartegenover stond de zorg van de gemeenschap, die zij ontvingen van inzegening tot het graf. Op de algemene begraafplaats aan de Bosdrift bevindt zich het familiegraf van de Diaconessen.

Klik voor vergroting
Robert Jan van Mechelen, sw 90.000e inwoner van Hilversum, kort na zijn geboorte in de armen van zuster Tini op de kraamafdeling van het Diaconessenhuis, 12 mei 1951.

 

Verzuilde zorg

De eigen signatuur bleef door de jaren kenmerkend voor de ziekenzorg in Hilversum. Op sommige momenten waren de verschillende levensbeschouwingen van de instellingen zelfs een onderwerp van gesprek in de raad. In de notulen staat vermeld dat niet alle radioprogramma’s geluisterd mochten worden op de zalen van de Rooms Katholieke Ziekenverpleging, ‘als de V.P.R.O. uitzendt dan moet de radio worden afgezet!’ Bovendien werd de gemeenteraad geattendeerd op het feit dat het goed zou zijn voor de arbeiders om een gemeentelijk ziekenhuis op te richten. De verpleging in de ziekenhuizen was uitstekend, maar er was geen vrijheid van lectuur: zo mocht het socialistische blad ‘Het Volk’ niet gelezen worden.

Fusie

Toen de verzuiling zo eind jaren 60 langzaamaan wat afbrokkelde, neigden de Gooise ziekenhuizen ook meer tot samenwerking. Als gevolg hiervan ontstonden verschillende stichtingen die uiteindelijk in 1983 uitmondden in een fusieovereenkomst tussen de besturen van Vereniging voor Diaconessenarbeid, Stichting Rooms Katholieke Ziekenhuisverpleging en Vereniging Zonnestraal. Na veelvuldig overleg, een verbouwing en een verhuizing vond in 1991 de officiële opening van Ziekenhuis Hilversum plaats.

Dit artikel werd geschreven i.s.m. de afdeling Communicatie en gepubliceerd op de website van de gemeente Hilversum op 12 april 2011

Laatst gewijzigd: 30/05/11