Het ontstaan van de vesting Naarden

Stadsrechtoorkonde van Naarden uit 1355

Eigenlijk een akte waarbij hertog Willem van Beieren aan Naarden het stadsrecht van Naarden bevestigt en uitbreidt. Dit is het oudste stuk dat in het Stadsarchief van Naarden te vinden is. Deze akte geeft niet de stichting van de stad Naarden aan, want het stadje bestond al vóór dit jaar, al lag het op een andere locatie. In 1350 werd het geheel verwoest en platgebrand. In 1351 kregen de Naarders toestemming om hun stad weer op te bouwen op de tegenwoordige plaats.

Stadsrechten
 

De verwoesting van Naarden past in de reeks van twisten en oorlogshandelingen die wij nu kennen als de Hoekse en Kabeljauwse twisten. Dat waren tijden van een zwak bestuur, dus ieder probeerde zoveel mogelijk gebied en vooral macht te krijgen.

Deze twisten braken zo rond 1350 uit toen Willem IV van Beieren sneuvelde in een oorlog tegen de Friezen. Helaas had hij geen kinderen, dus zijn zuster Margaretha volgde hem op. Over de opvolging door een vrouw braken allerlei twisten uit. Haar zoon en plaatsvervanger Willem wilde haar zo snel mogelijk opvolgen en zag zijn kans schoon. Moeder en zoon kwamen dus tegenover elkaar te staan. Beiden vonden medestanders in binnen- en buitenland. Er was nu eindelijk kans voor iedereen om oude vetes te beslechten. Vanuit Utrecht vielen stropende Hoekse benden het Gooi binnen. Die deden Naarden aan, plunderden het en brandden het plat in 1350.

Het Gooi van 1350 was geen streek voor edellieden. Er stonden geen kastelen of burchten. Het was een arme zandstreek . De burgers van Naarden, voor zover zij het hadden overleefd, stonden bij het puin van hun kerk en bij de verkoolde resten van hun woningen en overwogen daar wat hen te doen stond. De plek waar zij gewoond hadden lag gevaarlijk, zo open voor de vijand, maar ze hadden daar land en ze hadden ook nog wat vee over. Wegtrekken was voor hen geen optie, waar moesten ze heen in die woelige tijden? Toch was hun voormalige woonplaats de slechtste die ze op dat moment voor een stad konden kiezen. Niet alleen de politieke situatie was hachelijk. Het gebied was ook nog eens heel kwetsbaar voor aanvallen van de gretige Zuiderzee.

Naarden werd dus op een andere plek opgebouwd, die meer geschikt was, een half uur gaans westelijk van het vroegere stadje, hoger en droger , maar niet veiliger voor de Utrechtse belagers. Daar gingen zij een vesting bouwen, die zowel Holland als henzelf moest beschermen. Dit was zo belangrijk, dat alle inwoners van het Gooi werden verplicht om aan de bouw van wallen en muren mee te helpen. Ook voor hen zou de stad binnen de wallen veiligheid bieden in tijden van nood.

Het nieuwe Naarden is dus niet uit een oude een buurtschap gegroeid, maar volgens plan gebouwd, zoals op de kaart van Jacob van Deventer uit de 17e eeuw is te zien. De stad heeft geen kronkelstraatjes, maar rechte hoofd- en zijwegen.

En het oude Naarden? Soms, bij sterk aflandige wind, als het water erg laag komt te staan, dan komen er wel eens restanten bloot te liggen, die getuigen van vergane glorie.

Met bovenstaande herbevestiging van rechten kregen de burgers letterlijk en figuurlijk volgens plan een nieuwe stad terug.

Bronnen (alle in het Stads- en streekarchief te Naarden)

  • Dr. A.C.J. de Vrankrijker 'Naarden, de nieuwe stad van 1350' , artikel in de Naarder Kourier van mei 1950 (jubileumkrant Naarden 1350-1950: Naarden een hele week feeststad)
  • Hildo van Engen, Anton Kos en Reinout Rutte, 'Enen niewen stede, ergens daer si ons ende haer ter besten oorbaer staedt'. Over de wording van de stad Naarden in de tweede helft van de veertiende eeuw'. In Tussen Vecht en Eem, jrg. 18, 2000, p 96-105
  • Foto stadsplattegrond van Jacob van Deventer, naar 'Naarden, Netkaart,' voor de renovatie van de vesting, ca. 1560, fotocollectie Naarden. De plattegrond is uit C. Koeman en J.C. Visser, De stadsplattegronden van Jacob van Deventer, map Noord-Holland, 1992.

terug naar boven

Laatst gewijzigd: 28/09/11